Twee jaar geleden heeft Jordy te horen gekregen dat hij de ziekte van Crohn heeft. De Windesheimstudent heeft zijn leven volledig om moeten gooien en dit heeft gezorgd voor grote gevolgen voor zowel zijn lichaam als geest.  

“Ik noem het dipjes, want depressie klinkt zo zwaar”

Door de chronische darmziekte is Jordy niet meer zichzelf. Bij de meeste patiënten met de ziekte van Crohn zijn de dunne darm, de dikke darm, en/of de endeldarm ontstoken, maar er kan ook sprake zijn van ontstekingen in de rest van het spijsverteringskanaal. De ziekte kan voorkomen vanaf de mond tot aan de anus, volgens de Maag Lever Darm Stichting. Bij Jordy zit de ontsteking in zijn dikke darm. Het beïnvloedt zijn dieet, lichamelijke conditie en mentale gezondheid. Jordy kampt hierdoor op dagelijkse basis met buikpijn, bloedarmoede en moeheid.

Jordy heeft zowel binnen als buiten Windesheim professionele hulp gezocht voor zijn mentale problemen. “Ze zeggen dat ik last heb van depressieve verschijnselen, al noem ik het liever niet zo”, zegt Jordy. “Ik wil wel leuke dingen ondernemen met vrienden, maar mijn lichaam kan het niet aan. En daardoor heb ik wel eens last van dipjes. Ik noem het dipjes, want depressie klinkt zo zwaar”, gaat hij verder.

Door de ziekte van Crohn voelt Jordy zich elke dag futloos en moe. Hij slaapt overal waar hij kan; in de trein of wanneer hij thuiskomt van werk en school. “Als ik dan thuiskom heb ik echt geen puf meer om huiswerk of zo voor school te gaan doen”, zegt Jordy. “Laatst had ik een presentatie, die wilde ik echt graag goed doen. Maar als ik lang naar een scherm staar en me probeer te concentreren, dan val ik gewoon in slaap met mijn ogen open. Op dat moment neem ik niets meer op en gaat alle informatie langs me heen”, vertelt hij verder. “Het is lastig om uit te leggen aan iemand hoe moe ik mij voel. Mensen zijn wel begripvol naar mij toe, maar ze begrijpen me nooit helemaal. En dat is frustrerend.”

De dag van de presentatie

De dag van de presentatie bezorgde Jordy niet alleen spanning en stress, de hele situatie kostte hem ook nog eens bakken met energie. Maar het was een eenmalige presentatie, herkansen kon niet en zijn klasgenoten moesten er wat van opsteken. Dus Jordy zette zijn beste beentje voor. ‘Schouders eronder en go’, dacht hij. Jordy stond op en liep naar het bord voor de klas. Zijn laptop en papiertje lagen voor hem op de tafel. Hij startte met zijn presentatie: “De uhm”, begon hij. Zijn ogen vlogen van zijn laptop scherm naar zijn klasgenoten en weer terug. Hij had niets onthouden van de voorbereidingen die hij had getroffen. De twintigkoppige mensenmassa keek toe hoe Jordy struikelde over zijn eigen woorden en faalde om de informatie over te brengen. Hij wierp nogmaals een vluchtige blik naar het scherm, in de hoop dat hij snel kon lezen wat er op zijn PowerPoint stond. Zijn handen bewogen rusteloos langs hem heen. Al starende naar zijn klasgenoten probeerde hij zich de woorden te herinneren. Er klonk een oorverdovende stilte. Jordy was te moe om te denken. ‘Oké, plan B dan maar’, dacht hij.

“Sorry, maar ik kom er even helemaal niet meer uit.” De klasgenoten die nog steeds geen kik gaven, wisselden nu wel verontwaardigden blikken naar elkaar uit. De aandacht was er weer snel bij toen Jordy besloot zijn blaadje erbij te pakken. Op dat moment wist hij dat hij de presentatie had verknald; hij kon het niet uit zijn hoofd. Met een lichte aarzeling ging hij verder. Zijn blik nu gevestigd op de twee leraren die achterin het lokaal stonden en hem emotieloos aanstaarde. Krampachtig wist Jordy nog tien minuten te vullen.

De presentatie leek oneindig te duren, tot de verlossende woorden van de leraren klonken: “Je hebt het verprutst.” Jordy keek hem verslagen aan. “Ja, ik weet ik. Dit weekend had ik wel geprobeerd om te oefenen, maar ik was echt te moe. Ik-”, bracht Jordy uit, maar hij werd afgekapt. “Het maakt niet meer uit, het is al voorbij”, zei de leraar stellig.

Jordy baalde ontzettend van deze dag, van de verpestte presentatie, van zijn lichaam dat niet meer optimaal werkt door zijn chronische ziekte. “Ja, dan kan ik wel over dingen gaan piekeren”, zegt hij. De chronische ziekte van Jordy eist ook zijn tol op zijn mentale gezondheid. Zijn lichaam laat hem in de steek, leraren begrijpen zijn moeheid niet en hierdoor heeft hij depressieve verschijnselen.

Voorlichtingsprogramma voor studenten over hulpaanbod

Jordy is een van de vele studenten die kampt met mentale problemen. Uit onderzoek van het Trimbos-instituut RIVM, GGD en GHOR Nederland (november 2021) blijkt dat meer dan de helft van de studenten in Nederland kampt met mentale problemen. De oorzaken die in het onderzoek genoemd worden zijn: eenzaamheid, stress, prestatiedruk en slaapproblemen. Van de ruim 28.000 studenten die hebben meegedaan aan het onderzoek voelt een groot deel zich eenzaam (80%). Ook ervaren zij prestatiedruk (76%) en stress (62%).

Projectleider Jolien Dopmeijer (38) van het Trimbos-instituut, zet zich in voor het studentenwelzijn. Uit haar onderzoek: ‘Sense of belonging’ en mentale gezondheidsvaardigheden cruciaal voor welzijn van studenten (2021) blijkt dat meer dan de helft van de studenten angst- en somberheidsklachten ervaart. Zij krijgen geen of niet de juiste hulp krijgt voor deze problemen. Dit vindt Dopmeijer kwalijk. Volgens haar moet er meer aandacht komen voor studenten met psychosociale problemen en de hulp die geboden wordt binnen het hoger onderwijs.

De projectleider is van plan om een voorlichtingsprogramma voor hogescholen te introduceren. Hierbij krijgen studenten directe informatie over wat de mogelijkheden zijn om professionele hulp te zoeken. Ze beschrijft hierin dat zij voortbouwt op het landelijke ‘Actieplan Studentenwelzijn’. Dit actieplan bestaat uit vijf pijlers die gericht zijn op preventieve hulp voor studenten met mentale problemen.

Hoe laagdrempeliger, hoe beter

“Windesheim doet erg haar best”, begint Jordy. “Er zijn zat mensen die al wel gebruik maken van studentenpsychologe of iets dergelijks, geloof ik. Maar er zijn ook zat mensen die dat niet doen, maar het wel nodig hebben. Het voorlichtingsprogramma van Dopmeijer lijkt mij een goed idee. Maar zorg ervoor dat je de drempel laag houdt. Als het een bijeenkomst is waar mensen zich voor kunnen aanmelden, dan moeten mensen zich kwetsbaar opstellen in het openbaar. Dat zal velen tegenhouden hierheen te komen. Als je een voorlichting krijgt tijdens de les, dan is de drempel al lager. Dan word je er persoonlijk bij betrokken op een toegankelijke manier.”

Door Kim

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *